Je browser is verouderd en geeft deze website niet correct weer. Download een moderne browser en ervaar het internet beter, sneller en veiliger!

8. Hoe zie ik dat bij de ander

Waar werk je aan?

  • Werkblad: De cliënt herkent uiterlijke kenmerken bij de ander als die pesten niet plagen of pesten niet prettig vindt.
  • Spel: De cliënt ziet aan de ander of iemand pesten en plagen prettig vindt of niet.

Je groot en klein voelen

Wat zie je?
Waar gaat deze plaat over?

Je kunt je van binnen klein of groot voelen.

Klein

Soms voel je je klein van binnen.
Het is geen prettig gevoel.
Je kunt je klein voelen als er iets niet goed is gegaan.
Je schaamt je of je hebt ergens spijt van.
Je kunt je klein voelen als je bang bent, onzeker of verlegen.
of als je wordt gepest.
Je kunt je klein voelen als iemand de baas over jou speelt.
Als iemand zich klein voelt, zie je dat aan de buitenkant

Wanneer voel jij je klein?
Hoe ziet dit er bij jou uit?

Groot

Je voelt je goed, sterk of trots.
Dat zie je aan je buitenkant.
Je staat rechtop.
Je voeten staan stevig op de grond.
Je hebt je schouders naar achteren en je kin omhoog.
Het is prettig om je zo te voelen.

Wanneer voel jij je groot?
Hoe ziet dit er bij jou uit?