In Amsterdam-Noord werkt Philadelphia met onder andere woningbouwcorporatie De Alliantie en Hogeschool Inholland aan nieuwe woningen. Daarbij komt behoorlijk wat kijken vertellen Mariska van Cutsem (Philadelphia) en Carin de Boer (Inholland). ‘In deze wijk gaan we weer terug naar het samenzijn, het samen ondernemen en voor elkaar zorgen.’

Het liefst zou Rekha tegen de bouwvakkers willen zeggen dat ze een beetje moeten opschieten, maar dat doet ze natuurlijk niet. De oplevering is wat vertraagd, maar als het goed is, is haar nieuwe appartement eind 2019 klaar. In Amsterdam-Noord wordt hard gebouwd aan een nieuwe wijk, Buiksloterham, met onder andere drie woontorens waarin 24 appartementen zijn gereserveerd voor Philadelphia. De overige 114 appartementen zijn deels voor sociale verhuur en deels voor de verkoop.

 

Inclusieve woonwijk

‘Het wordt een inclusieve woonwijk, alle lagen van de bevolking door elkaar; een grote diversiteit dus. Van mensen met een urgentieverklaring tot eigenaren van een zelfbouwkavel’, vertelt locatiemanager Mariska van Cutsem. ‘Het belangrijkste is dat bewoners samenwerken en dat iedereen zijn eigen talent inzet. Mensen kijken niet naar je beperking, maar naar wie je bent.’ Samen met haar collega Mathijs Vaerewijck begeleidt Mariska het project vanuit Philadelphia.

Nieuwe manier van samenleven en werken

Bij zo’n project, dat niet alleen de nadruk legt op inclusiviteit maar ook op duurzaamheid en circulariteit, komt heel wat kijken. Daar heb je partners voor nodig. Woningcorporatie De Alliantie bijvoorbeeld, die met Buiksloterham de eerste circulaire wijk van Amsterdam ontwikkelt. Hier wordt gezocht naar nieuwe manieren van samenleven en werken, met circulariteit als uitgangspunt. Zo zijn de toiletten aangesloten op een innovatief vacuümsysteem, kun je je was (laten) doen in de gemeenschappelijke wasmachineruimtes en staat het opnieuw gebruiken van materialen, energie en water voorop.

Elkaar opzoeken en aanvullen

Om voor cliënten van Philadelphia de overstap naar zo’n hippe en bijzondere wijk soepel te laten verlopen zijn studenten van Hogeschool Inholland ingeschakeld. Carin de Boer is kwartiermaker bij de hogeschool en zorgt ervoor dat studenten de vraagstukken die deze nieuwe woonvorm oplevert onderzoeken en ze vervolgens advies uitbrengen voor oplossingen. ‘Het leuke is dat er verschillende opleidingen bij zijn betrokken en dat studenten dus samenwerken met collega’s van heel andere opleidingen’, vertelt ze. ‘Dat is een uitdaging, voor zowel de studenten als de docenten. Maar zo werkt het in het ‘echte leven’ natuurlijk ook; je komt verder door elkaar op te zoeken en aan te vullen. Studenten verkennen de grenzen van hun vakgebied en leren van elkaar.’ Op dit moment zijn er onder andere studenten Verpleegkunde, Social Work, Communicatie, Facility Management en Business Studies bezig met opdrachten voor Philadelphia.

Netwerken en begeleiding

‘Studenten Business Studies buigen zich over een aantal vraagstukken: hoe ga je als bewoner om met circulair wonen? Bijvoorbeeld het gebruik van vacuümtoiletten, maar ook het implementeren van een waterzuiveringssysteem en autodelen’, vertelt Carin. ‘Een communicatiestudent richt zich in haar afstudeeronderzoek op het kennismaken van de Philadelphiabewoners met de wijk. Hoe doe je dat zonder stigma? Hoe meng je oude en nieuwe bewoners met elkaar? En verpleegkundestudenten onderzoeken bijvoorbeeld hoe de cliënten op afstand begeleid kunnen worden en richten zich op het beleid rondom verslavingsproblematiek.’

Vonkjes

Natuurlijk kunnen de bewoners contact en begeleiding krijgen via DigiContact. Maar ook in de woontorens zelf is begeleiding aanwezig, vertelt Mariska. ‘Elk appartementencomplex heeft een algemene ruimte en daar is in ieder geval overdag een begeleider aanwezig. Die is daar voor de ondersteuning, maar ook om de verbinding te leggen met de andere bewoners. Hij of zij gaat gesprekken aan en ik hoop dat er zo vonkjes ontstaan, initiatieven voor verbinding. Dat de begeleider bijvoorbeeld weet dat een cliënt altijd te veel eten kookt en dat er een oude man is die moeite heeft om ’s avonds het eten op tafel te krijgen. Dat soort dingen.’

‘In onze maatschappij zijn we steeds individualistischer geworden’, zegt Carin. ‘In deze inclusieve wijk gaan we weer terug naar het samenzijn, het samen ondernemen en oog voor elkaar hebben. Tegelijkertijd heb je ook je eigen plek waar je rustig op jezelf kunt zijn.’

Rekha kijkt nog eens naar de bouwplaats. Zoals het er nu uitziet, kun je je nauwelijks voorstellen dat er aan het eind van het jaar 138 appartementen kant-en-klaar worden opgeleverd. Wel zijn de omtrekken van de eerste appartementen al zichtbaar. ‘Toch best groot’, zegt ze tevreden. ‘Wil je nog iets tegen de bouwvakkers zeggen?’, vraagt Mariska. ‘Nee, laat ze maar lekker doorwerken.’

 

Samenwerking Werk & Begeleiding

In de aanloop en bij de realisatie van het project hebben Mariska en Mathijs nauw samengewerkt met cluster Werk & Begeleiding. ‘Samen met Nelleke Hof vanuit W&B hebben dagbestedingsprojecten in de algemene ruimtes ingericht. Denk aan de wasbar, de buurtschuur en het klussenteam voor de wijk’, vertelt Mariska
Teco Jochems, regiomanager van W&B die de ambulante teams aanstuurt, speelt ook een belangrijke rol. Mariska: ‘Het idee is dat het ambulante team in Amsterdam-Noord gaat samenwerken met de locatie. Hoe, dat weten we nog niet. Maar we zijn in ieder geval van plan om de barrières of schotten tussen de clusters W&B en Z&W volledig weg te nemen. We gaan dus niet zeggen: dit is iets voor dagbesteding, of dit is typisch iets voor Z&W. Nee, we doen het allemaal samen!’