Het lijkt alsof iemand op de pauzeknop van Piet gedrukt heeft. Hij heeft nu al drie maanden niet meer de eeuwigdurende kalender op zijn bureau bijgewerkt. Als je hem uitnodigt om met de groep koffie te komen drinken, moet je daarna ook echt naar zijn appartementje gaan en hem bijna aan je arm meenemen. Hoe je ook met Piet zoekt naar nieuwe activiteiten en contacten, hij kiest er steeds vaker voor om zich terug te trekken.

Piet maakt een lusteloze indruk. De begeleider vertelt hoe de wereld van Piet de afgelopen jaren steeds kleiner is geworden. Sinds hij de weg naar huis niet meer kan vinden is het niet meer vertrouwd om hem zonder begeleiding naar buiten te laten gaan. Hij heeft minder interesse in de wereld om zich heen. Hij trekt nog wel op met de mensen uit de groep en doet mee aan activiteiten maar het is nog echt zoeken naar dingen die hem enthousiast kunnen maken.

Op een dag is er post. Zijn nicht had nog een oude ansichtkaart en stuurde die. Een gouden vondst. Piet laat de kaart aan iedereen zien en vertelt dat er trots bij dat er een scholekster op staat. Piet weet niet meer waar hij gewoond of gewerkt heeft of dat zijn broer overleden is, maar hij kent alle vogels nog uit zijn hoofd. Een nieuw gespreksonderwerp! De nicht blijft kaarten sturen en Piet herkent ze allemaal: ijsvogel, roerdomp, aalscholver, karekiet en zelfs de ortolaan.